Column Kees van Anken – Tessa of Tesla

De ouderenzorg staat voor mega-opgaven. Terwijl het aantal ouderen in ras tempo groeit neemt het aantal mensen dat zorg kan bieden af. Bij veel zorginstellingen is sprake van een groeiend personeelstekort. Dat vraagt om een radicaal andere aanpak.

Ik ben uitgenodigd voor een lezing over innovaties in de ouderenzorg. Geboeid luister ik naar dé innovatie-expert uit Delft, Evert Jaap Lugt. Vóór u en ik het zelfstandig niet meer redden, zijn er lieve zorgzame robotjes ontwikkeld, die ons in onze zorgbehoefte bijstaan. De ontwikkelingen zijn exponentieel, wat zoveel wil zeggen als ‘niet bij te houden’. In de bijlage van de Volkskrant van eind juni worden de mogelijkheden alvast op een rij gezet. Apparaten die proberen te voorkomen dat we vallen, ons helpen bij het (weer) opstaan, de deur openen voor de gasten en ons huis op orde en op temperatuur houden.

Volgens Evert Jaap, staan we nog maar aan het begin van wat ons te wachten staat. Patyna (een instelling voor ouderenzorg in zuidwest-Friesland die me voor deze lezing uitnodigde) heeft alvast een paar Tessa’s aangeschaft. Nee geen schrijffout, geen zelfrijdende auto’s, maar intelligente bloempotten. Ik ben even van m’n stuk. Wie verzint zoiets? Bloempotten die op afstand bestuurd teksten voorlezen, op vragen kunnen reageren en waar, naar ik aanneem ook echt planten instaan, die op gezette tijden water moeten hebben. De combinatie water en elektronica lijkt me nog wel een uitdaging.

De Tessa’s zijn de voorlopers van slimme hybride wezentjes die ons, als we ouder worden, gaan helpen. Ik stel me voor dat ze poezelige handjes hebben, ons met zachtheid omringen, prettig kunnen debatteren, spelletjes met ons doen en levensloopbestendig zijn. Net als zo’n automatische grasmaaier moeten ze wel op tijd het stopcontact weer opzoeken om niet hulpeloos midden in een hulptaak uit te vallen. Ze schuiven ons in de toekomst zo het zelfrijdende busje in en deponeren ons warm ingepakt op het strand. Daar zorgen sensoren ervoor dat we bij opkomend tij geen natte voeten krijgen. Weer thuis genieten we van een vers geprinte maaltijd uit de foodprinter. Terwijl ik wat wegdroom in toekomstfantasieën overvalt me ineens de vraag of we er in een volledig geautomatiseerde omgeving zelf nog wel toe doen. Wat is nog de zin van ons bestaan als intermenselijk contact en menselijke aanrakingen verdwijnen? En hoe waardig is het als we volledig van techniek afhankelijk zijn? Eén stap verder en we zijn onderdeel van een Matrix-achtige wereld.

Toegegeven, het is niet altijd prettig wanneer je bij bepaalde delicate zorgvragen van andere mensen afhankelijk bent. Het verlies aan decorum wat op een zeker moment kan toeslaan levert soms de nodige gênante situaties op. Met technische hulpmiddelen kun je dat misschien ondervangen. Japanse toiletten zijn een weldaad heb ik ontdekt. Ze zijn lekker warm en reinigen en drogen je billen, zonder dat je er zelf nog wat aan hoeft te doen. Maar in veel gevallen blijft het toch prettiger door een medemens te worden geholpen.

Bij alles wat er technisch kan moet je je afvragen of je dat ook wilt, of het iets is waar je op zit te wachten. Bij de keus tussen een Tessa of een Tesla weet ik het wel. Ik heb helemaal niks met bloempotten, laat staan als ze gaan praten.

Kees van Anken

Geef een reactie