’U heeft geen rugpijn, u bent depressief!’

– Eerder geplaatst in het Stadsblad Liwwadders –

Psychiater Brouwer:

‘’Ik behandel ongeveer driehonderd patiënten per jaar en ruim tweehonderd van hen knappen er enorm van op. Dat is kicken.’’ Psychiater R. Brouwer uit Leeuwarden zou het van de daken willen schreeuwen: depressie is behandelbaar! ‘’Dat is mijn boodschap naar de huisarts en naar sombere mensen. Je kunt de kwaliteit van het leven wel degelijk verbeteren door in te grijpen en te behandelen. De huisartsen moeten bestookt worden met het idee dat depressiviteit bij ouderen geen uitzichtloze zaak is.’’

‘’Als je huisartsen ernaar vraagt, zullen ze hooguit vijf tot tien patiënten uit hun praktijk noemen die met ernstige depressies kampen, maar daarmee houden ze zichzelf een beetje voor de gek. Statistisch gezien wonen er in een stad als Leeuwarden 1500 oudere patiënten met een ernstige depressieve stoornis. Iedere huisarts zou een kleine honderd patiënten moeten hebben met depressieve klachten.’’

Brouwer noemt zonder enige reserve depressiviteit een volksziekte. ‘’Het is een van de meest voorkomende aandoeningen van de huidige tijd. Ouderen hebben te maken met verlies. Dan gaat het niet alleen om het verlies van familieleden en vrienden maar ook om het verlies van status, werk, bezigheden, gezondheid en denkkracht. Het verdriet dat dat met zich meebrengt is vaak schrijnend.’’

En nog schrijnender is het als de hulp uitblijft terwijl er geholpen kan worden. Brouwer: ‘’De huisarts moet ervan bewust worden dat een depressie behandelbaar is. En dat er medicatie beschikbaar is waardoor dat wat goed is in het leven weer tevoorschijn komt en waardoor de kwaliteit van het leven verbetert. Vroeger had je verslavende anti-depressiva met bijwerkingen, nu zijn de middelen geweldig verbeterd. Vergeet niet dat de kwetsbaarheid van ouderen vele malen groter is dan bij jongeren. Kleine problemen kunnen grote gevolgen hebben. Er zijn bij ouderen meer aanleidingen om depressief te worden.’’ Brouwer wil maar gezegd hebben: de dokter mag dit niet onderschatten.

De psychiater is voor velen nog altijd een schrikbeeld. Brouwer: ‘’Als de dokter zegt: je moet naar de psychiater, dan denkt de patiënt ‘dan moet ik wel gek zijn’.’’ Het mag duidelijk zijn dat de huisarts ervoor waakt om bij de eerste diagnose meteen naar de psychiater te verwijzen. Brouwer: ‘’Bij de huisarts komen veel patiënten met vage klachten. ‘Er is wat met mijn rug’, zo luidt dan de klacht. De arts weet vaak direct wat er echt aan de hand is maar stuurt toch zijn patiënt naar de orthopeed en die verwijst op zijn beurt door naar de neuroloog. Het is goed mogelijk dat er iets gevonden wordt, er is altijd wel iets, maar de huisarts weet natuurlijk wel beter. Soms zitten die patiënten dan jaren in de molen. Dat is heel triest. Ik heb hier als patiënt een mevrouw van 82 jaar oud, die met sprongen vooruitgaat, maar ze heeft wel zes jaar verloren. Het moet veel normaler worden dat de huisarts gewoon tegen zijn patiënt kan zeggen: u heeft geen rugpijn, maar u bent depressief en daaraan kunt u geholpen worden.’’

Volgens Brouwer heeft iedere huisarts ongeveer honderd patiënten in zijn praktijk die te kampen hebben met vage klachten die te herleiden zijn tot depressiviteit. ‘’Als je die depressie kunt wegnemen, heb je al die verzorging ook niet meer nodig. Dan is de huisarts ook meteen af van die ‘lastige’ patiënt die vijf keer per week belt met klachten. Maar vaak willen we er niet aan. Je ziet het ook in de zorginstellingen: als je als patiënt niet schreeuwt of met zijn stok zwaait, gebeurt er niks. Ook de kinderen gaan hierin vaak mee en zeggen tegen vader of moeder ’wat zeur je nou.’ Terwijl je je zou moeten realiseren welke ellende depressiviteit met zich meebrengt en dat vader of moeder daaraan geholpen kan worden.’’

Geef een reactie