Degraderen of promoveren

Leeuwarden heeft prachtige plekken om elkaar te ontmoeten. Ik moet wel even zoeken naar het adres Agora 4. Het blijkt de oude Johannes de Doper Kerk te zijn, nu verbouwd tot zaal en vergadercomplex. Daar ontmoet je elkaar op de plek waar vroeger het altaar stond – een plek die normaal gesproken voorbehouden is aan de pastoor en de koorknapen.

Nu staan daar de stedelijke bobo’s uit onderwijs en lokaal bestuur en vooral heel veel mensen, die met jongeren te maken hebben, bij elkaar. De jongeren zelf zijn er ook. Het is de aftrap van een mooi project voor zwerfjongeren: ‘Onderwijs op maat’. De jongeren delen hun problemen met ons: een onveilige thuissituatie, psychische problemen, dakloos, van school gestuurd en schulden die een nieuwe start onmogelijk maken. In bijna alle gevallen een schrijnend gebrek aan begeleiding en liefde, want dat maakt nou net het verschil tussen lukken of mislukken. Verhalen over van het kastje naar de muur en van de ene hulpverleningsinstantie naar de andere.

De jongeren zijn verdwaald in de systemen laat de hoogleraar, die speciaal voor deze gelegenheid uit Rotterdam is gekomen, ons weten. Hij predikt een revolutie: weg met de systemen, zet de jongere en zijn leefwereld centraal. Hij spreekt van een ‘probleem-industrieel-complex’ en ik ben weer terug in de jaren zeventig van de vorige eeuw. De tijd waarin (ook) de revolutie werd gepredikt en ik op school Het Kapitaal van Marx als lesstof opkreeg. Nog steeds prijkt het boek linksboven in m’n boekenkast. In deze stemmige omgeving gaat het verhaal van de hoogleraar er bij de aanwezigen in als een preek in een ouderling.

De markt van Welzijn en Geluk heeft in de afgelopen decennia een hoge vlucht genomen. Het valt niet te ontkennen: heel veel mensen zijn afhankelijk van hulpverlening, maar ook heel veel mensen verdíenen er aan. Je moet er niet aan denken wat de gevolgen zijn voor de werkgelegenheid als niemand meer een probleem zou hebben. De complete hulpverleningsindustrie stort dan in. Het verlenen van hulp is een markt: het probleem van de één is een bron van inkomen voor de ander.

Tegen het eind van de bijeenkomst, belooft iedereen beterschap. Vanaf nu krijgen de jongeren extra ruimte en aandacht en worden ze hoe dan ook toegelaten tot het onderwijs. Maar de vraag of niet gewoon hun schulden kunnen worden kwijtgescholden blijft onbeantwoord. De wethouder verwijst naar Den Haag waar de regels worden gemaakt. Even denk ik aan boze opzet: kennelijk is het niet de bedoeling de problemen echt op te lossen; dat is slecht voor het verdienmodel en de arbeidsmarkt. Maar gezien zijn politieke achtergrond en persoonlijke stijl gaat dat voor deze stadsbestuurder vast niet op. Maar waarom dan niet de moed om te zeggen – dat lossen we op! In datzelfde Den Haag waar naar verwezen wordt heeft het stadsbestuur inmiddels een Perspectief Fonds opgericht. Dat fonds neemt alle schulden over onder de voorwaarde dat de jongere aan het werk of naar school gaat. Een mooi initiatief dat navolging verdient en waarmee je in de eredivisie beland. Dus nu niet langer de bal rondspelen anders degradeert niet alleen Cambuur.

Kees van Anken

Geef een reactie