Gemeenten besparen te snel op jeugdzorg

Gemeenten, met zorgondernemers in hun kielzog, eisen om de haverklap dat de jeugdzorg vaker ambulant gaat werken. Dat zou tijd en geld schelen. Lector aan de Hogeschool Leiden, Peer van der Helm, noemt dat kortzichtig. Hij bepleit een omgekeerde strategie.

(Tekst: Sociale Vraagstukken)

Residentiële opname in de specialistische jeugdzorg is de eindhalte van elk denkbaar behandelingstraject voor jongeren met problematisch gedrag. De problemen zijn dan al zo ernstig geworden dat er gevaar dreigt voor de jongeren én hun omgeving. Vaak gaat er aan deze situatie jarenlange verwaarlozing, mishandeling of misbruik vooraf. De weg terug is meestal lang, sommige kinderen hebben zelfs hun leven lang begeleiding nodig.

En toch denken beleidsambtenaren van gemeenten – verantwoordelijk voor de jeugdzorg –  dat deze ernstige probleemgevallen ambulant en tegen minder kosten behandeld kunnen worden. En zetten zij instellingen onder druk om de behandelduur fors in te korten. De beleidsambtenaren worden daarbij gesteund door nieuwe zorgondernemers die om het hardst roepen dat het ‘bij hun ook wel in drie maanden kan’.

Overschat mogelijkheden ambulante zorg niet

Voor veel psychiatrische problemen bestaat geen genezing, zegt de Maastrichtse hoogleraar psychiatrie Jim van Os. Wel kan kinderen – en volwassenen – geleerd worden om te gaan met hun problemen. Afhankelijk van voorgeschiedenis, erfelijke, psychologische en sociale factoren duurt een effectieve behandeling voor de een korter of langer dan voor de ander. In het algemeen geldt echter dat complexe aandoeningen een intensieve en lange behandeling nodig hebben, zeker als de steunsystemen – zoals het gezin bijvoorbeeld – zijn afgebrokkeld. Bij sommige kinderen die ernstig en voortdurend antisociaal gedrag vertonen, is sprake van een hersenbeschadiging. Om hen op het juiste spoor te brengen en houden, is in de regel levenslange begeleiding nodig.

 

Lees hier verder

Geef een reactie