Kwaliteitskader doet wenkbrauwen fronsen

Het Kwaliteitskader bevat niet alleen normen voor de kwaliteit en veiligheid van verpleeghuiszorg, maar ook ‘randvoorwaardelijke’ normen voor onder meer governance en personeelssamenstelling. Die roepen praktische en juridische bezwaren op.

(Tekst: Zorgvisie)

Het was een bumpy road naar het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Veldpartijen bereikten geen consensus over de inhoud. Het Zorginstituut maakte uiteindelijk gebruik van zijn doorzettingsmacht, zoals eerder bij de integrale geboortezorg. Op 13 januari 2017 heeft het Zorginstituut Nederland het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg opgenomen in het openbare register van kwaliteitsstandaarden en meetinstrumenten, Zorginzicht.nl.

Onrust

Onder verpleeghuizen heerst onrust over de nieuwe normen. De lat wordt (te) hoog gelegd en de normen zijn niet altijd duidelijk. Zo vragen verpleeghuizen zich af hoe ze de personeelsnorm die voorschrijft dat voor intensieve zorgmomenten minimaal twee zorgverleners ‘beschikbaar’ moeten zijn, moeten interpreteren én financieren. Niet zo gek dat verpleeghuizen zich druk maken, want zij zijn wettelijk verplicht om goede zorg aan te bieden. Naleving van de normen uit het Kwaliteitskader valt onder de verplichting. De IGZ controleert dit en kan sancties nemen tegen verpleeghuizen die niet aan de normen voldoen.

Lees hier verder

Geef een reactie