Kwaliteitslabel is meer dan bordje aan de muur

Sociaal Werk Nederland introduceerde eind 2016 het Kwaliteitslabel Sociaal Werk. Ruim een half aar later zijn er twee certificaten uitgereikt en zijn er zo’n 75 organisaties serieus aan de slag gegaan om de eigen kwaliteit onder de loep te nemen en verbeterpunten te destilleren.

(Tekst: Zorg en welzijn)

Mart van Dongen: ‘Al tijdens de zelfevaluaties merkte ik dat de dynamiek veranderde, mensen in beweging kwamen en innovatieve projecten ontstonden. Alleen dat levert al winst op.’

Het Kwaliteitslabel Sociaal Werk wijkt af van andere kwaliteitslabels omdat er niet met afvinklijsten wordt gekeken naar processen en protocollen. Het label is juist gebaseerd op vakmanschap, effectiviteit van dienstverlening en organisatie en toezicht. Getoetst wordt op houding en gedrag in de praktijk.

Zelfevaluatie en toetsing

Wie in aanmerking wil komen voor het kwaliteitslabel, of het van belang vindt om zelf eens goed naar de kwaliteit van de organisatie te kijken, doorloopt een aantal stappen. In eerste instantie kunnen organisaties een zelfevaluatie invullen. Tijdens deze zelfevaluatie worden organisaties uitgedaagd zichzelf te beoordelen aan de hand van zestien normen over vakmanschap, zestien normen over dienstverlening en twintig normen over bestuur. Na de evaluatie kan er een toetsing gedaan worden. Dit kan intercollegiaal, waarbij collega’s van verschillende organisaties elkaar toetsen, eventueel onder begeleiding van een externe auditor, of via een certificerende instelling.

Lees hier verder

Geef een reactie