Ouderen zijn beter af in de stad

Steden worden vaak geassocieerd met jong, hip, happening en dynamiek, maar ze vormen ook een veilige haven voor veel ouderen. Waarom is de stad beter voor ouderen dan het platteland? En wat heeft dat te maken met de drie A’s arts, apotheek en Albert Heijn?

(Tekst: Sociale Vraagstukken)

Heel veel ouderen wonen in steden
Volgens de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) zal het aandeel 65-plussers in de bevolkingsopbouw in de lidstaten toenemen tot ruim 25 procent in 2050 (OECD, 2015). Van al deze ouderen woont 43,2 procent in steden. Steden wensen daarom seniorvriendelijk te worden, in internationale context ook wel age-friendly genoemd.

Op zich lijkt de stad een ideale plek voor thuiswonende ouderen. In een stad weet je zeker dat er een pinautomaat is en een supermarkt, vaak op loopafstand. Er is een ruim aanbod aan openbaar vervoer. En er is altijd wel een ziekenhuis in de buurt. Tegelijkertijd is de stad ook het toneel van tegengestelde belangen, van toenemende ongelijkheden, van spanningen tussen uiteenlopende wensen en behoeften van verschillende leeftijdsgroepen, en met grote verschillen tussen wijken en buurten als het gaat om seniorvriendelijkheid.

Lees verder op Sociale Vraagstukken.

Geef een reactie