Participatie: Deling van controle en macht

Participatie in de zorg is nu van alles niets, zeggen Hester van de Bovenkamp en Antoinette de Bont. Hoogleraar Participatie & Diversiteit aan de Vrije Universiteit Tineke Abma is het met hen eens. We moeten terug naar waar participatie feitelijk om gaat: een deling van controle en macht.

(Tekst: Sociale vraagstukken)

Participatie heeft net als het begrip democratie een hoog symbolisch gehalte. We gebruiken het als teken om anderen ervan te overtuigen dat we correct handelen. Maar wat bedoelen we eigenlijk als we het hebben over participatie in de zorg? En wat maken we ervan waar in de praktijk? Als we een historisch perspectief innemen, valt op dat participatie in de zorg oorspronkelijk het streven was van sociale, activistische bewegingen, zoals de disability movement en de patiëntenbeweging.

Controle en macht

Op grond van collectieve ervaringen van sociaal isolement, marginalisering en stigmatisering voerden dezen strijd vóór maatschappelijke participatie en inclusie en tégen het medische model dat een mens reduceerde tot zijn ziekte of beperking, en van labels voorzag. Ook bekritiseerden zij de paternalistische houding van artsen en andere professionals, omdat zij onvoldoende ruimte boden voor autonomie en zelfbeschikking. Met de slogan ‘Nothing about us, without us’ eisten patiënten zeggenschap op over eigen lijf en leden.

Participatie verworden tot zelfredzaamheid

De betekenis van participatie in de zorg is onder invloed van het neoliberale politieke klimaat verworden tot zelfredzaamheid. Participatie heeft daardoor een individualistische invulling gekregen, en de achterliggende sociaal-culturele en politieke motivaties van de sociale bewegingen – meer zichtbaarheid, zeggenschap, en ruimte voor mensen die niet voldoen aan de norm van gezond, ondernemend en economisch productief – zijn uit het zicht geraakt. We moéten meedoen. Echter, werkelijke participatie vraagt vooral medici om kritisch te reflecteren op juist die waarden en normen en vooroordelen waardoor mensen niet kúnnen participeren.

Omdat er weinig tot niets is veranderd aan de maatschappelijke omstandigheden die participatie (on-)mogelijk maken, lijkt het huidige beleid verkeerd uit te pakken voor mensen in kwetsbare situaties.

Lees hier verder

Geef een reactie