Patiënt is partner, geen consument

In de jaren zestig van de vorige eeuw ontstond de eerste samenwerking in de zorg, tussen huisartsen, wijkverpleegkundigen en maatschappelijk werkers. Er kwamen hometeams tot stand. De tweede golf van samenwerking kwam op in de jaren tachtig. Die betrof de zorg aan mensen met chronische aandoeningen. De eerste lijn en tweede lijn gingen samenwerken: transmurale zorg werd geboren.

(Tekst: Zorgvisie)

Later waaierde deze ketenzorg uit naar de geestelijke gezondheidszorg, de palliatieve zorg, de spoedeisende zorg en de geboortezorg. Thans komt een derde generatie van samenwerking op: die tussen professionals en patiënten en hun naasten. Deze samenwerking concretiseert zich in bijvoorbeeld gedeelde besluitvorming over te kiezen behandelmethoden; een persoonsgebonden budget waarmee patiënten hun eigen zorg inkopen; de case manager die samen met patiënt en familie een integraal zorg/leefplan opstelt; stimulering van zelfmanagement alsmede de openstelling van het elektronische dossier voor patiënten. Deze derde generatie van samenwerking is een goede aanvulling op de eerste twee vormen. Want een goed functionerend eerstelijnsteam kan o zo makkelijk bedreigend zijn voor een patiënt die net iets anders wil dan de multidisciplinaire richtlijn voorschrijft. En wat is de meerwaarde van een professioneel, transmuraal team als patiënten zich niet houden aan voorgestelde leefregels, hun medicatie niet trouw innemen en mantelzorgers uitgeput zijn?

Lees hier verder

Geef een reactie