Snellere start behandeling prostaatkanker door nieuwe methode

De urologen van ziekenhuis Tjongerschans gebruiken sinds kort een nieuwe, patiëntvriendelijkere methode voor het diagnosticeren van prostaatkanker.

(Tekst: Tjongerschans)

Meer zekerheid

Bij deze nieuwe methode maken de urologen van Tjongerschans gebruik van de prostaatwijzer (artificial intelligence). Wanneer er bij een patiënt verdenking op prostaatkanker is, wordt er een MRI-scan van de prostaat gemaakt. De afwijkingen die op deze beelden te zien zijn, worden vervolgens ingetekend op de MRI-beelden. Bij het afnemen van de biopten kan de uroloog het MRI-beeld op het echo-apparaat oproepen en deze beelden over elkaar heen projecteren. Op deze manier kunnen er gericht biopten worden afgenomen. Christian Koolenbrander, uroloog bij Tjongerschans: ‘het gericht afnemen van biopten is veel efficiënter, effectiever en daardoor patiëntvriendelijker. Op deze manier hoeven patiënten vaak niet meer terug te komen voor een tweede keer prostaatbiopten wanneer de eerste uitslag geen prostaatkanker laat zien.’

Verhoogd PSA

Bij verdenking op prostaatkanker is bij veel mannen het PSA verhoogd en/of voelt de prostaat afwijkend aan. Dit is vaak een reden om een biopsie, een echografisch onderzoek van de prostaat uit te voeren waarbij de uroloog stukjes prostaatweefsel afneemt (biopten) om vast te stellen of er sprake is van prostaatkanker. Voorheen werd er bij een verhoogd PSA een echogeleide biopsie uitgevoerd: met een naald worden willekeurig stukjes prostaat geprikt voor weefselonderzoek. Deze methode geeft nog geen volledige zekerheid, met de naald kan naast de tumor geprikt zijn omdat bij echo alleen niet altijd prostaatkankercellen zichtbaar zijn. Daarnaast is er bij het nemen van biopten infectiegevaar.  Door gerichter onderzoek met behulp van deze nieuwe techniek neemt het infectiegevaar af.

‘Deze innovatieve en kwaliteit verhogende stap in prostaatkankerdiagnostiek heeft kunnen plaatsvinden door intensieve samenwerking tussen de vakgroepen Urologie en Radiologie en de ICT afdeling van het ziekenhuis’, aldus Koolenbrander.

Geef een reactie