Studie slokdarmkanker gestart in MCL

Het Medisch Centrum Leeuwarden is gestart met de MORE klinische studie. Daarin wordt de komende drie jaar onderzoek gedaan naar een test voor patiënten met slokdarmkanker. Deze test moet uitwijzen of de tumor reageert op chemoradiotherapie en in welke mate. Hiermee beoogt het MCL in de toekomst een groot aantal patiënten zware chemoradiotherapie of zelfs de ingrijpende slokdarmoperatie te kunnen besparen. Onderzoeker Edward Fiets, internist-oncoloog, verwacht dat er twee tot drie patiënten per maand deelnemen aan het onderzoek.

(Tekst: MCL)

Altijd opereren

Patiënten met niet uitgezaaide slokdarmkanker krijgen volgens de landelijke richtlijnen eerst een chemoradiotherapeutische behandeling en worden daarna altijd geopereerd. ‘Bij ongeveer één derde van de behandelde patiënten zien we na de operatie dat de tumorcellen door de chemoradiatie al helemaal weg waren. Opereren is dan overbodig’, vertelt internist-oncoloog Edward Fiets. ‘Bij nog één derde van de patiënten zien we dat de tumor na de chemoradiatie juist helemaal niet kleiner is geworden. Díe patiënten wil je liever direct opereren en de chemoradiatie besparen. Twee situaties waarbij het behandelteam achteraf pas ziet wat de beste behandeling is.’

Kinaseactiviteit

Het doel van dit onderzoek is kenmerken te ontdekken in de slokdarmtumor, die de mate van effect van de behandeling met chemoradiotherapie kunnen voorspellen. Fiets: ‘Het vermoeden bestaat dat er een relatie is tussen de activiteit van kinase-eiwitten en de gevoeligheid van de slokdarmtumor voor chemoradiatie.’  De studie in het MCL moet uitwijzen of kineaseactiviteit geschikt is als test, om in de toekomst betrouwbaar af te kunnen zien van de slokdarmoperatie of chemoradiatie. Daarnaast onderzoekt het MCL in samenwerking met het Radboud Universitair Medisch Centrum te Nijmegen aanwijzingen voor een relatie tussen bepaalde genetische afwijkingen in de kankercel en het effect van chemoradiotherapie.

Behandeling op maat

Een slokdarmoperatie is erg ingrijpend voor de patiënt.  En ook chemoradiatie is een langdurige en belastende behandeling. ‘Als we dit op een betrouwbare manier onze patiënten kunnen besparen, is dat natuurlijk een enorme winst’, voelt Fiets mee. ‘We hopen straks per patiënt een op maat gesneden behandeling kunnen bieden. Hiervoor is nog een lange weg te gaan. Maar iedere uitkomst is weer één stap in de richting van verbeterde patiëntenzorg.’

Deelname

MORE staat voor “Markers Of Response to chemoradiation in Esophageal cancer”. Patiënten met slokdarmkanker die volgens de huidige richtlijnen behandeld gaan worden, komen in aanmerking voor deelname aan de studie. ‘De onderzoekers nemen een aantal biopten tijdens één van de voorbereidingen die patiënten binnen het huidige behandelplan ook doorlopen. Het MCL verwacht dat vanaf nu twee tot drie patiënten per maand deelnemen aan het onderzoek. ‘Op die manier kunnen we over twee à drie jaar de resultaten van ongeveer 60 patiënten analyseren’, aldus Fiets. ‘De eerste vijf deelnemende patiënten mogen we al noteren.’

Wetenschap in het MCL

Wetenschap neemt bij het MCL een essentiële positie in. MCL verricht onderzoek dat er voor de patiënt toe doet. De nieuwste inzichten verkregen uit wetenschappelijk onderzoek worden gebruikt voor continue verbetering van de medische praktijk. Onderzoek is onmisbaar voor het bieden van excellente zorg voor iedere individuele patiënt. Doorlopend werken onderzoekers in het MCL aan gemiddeld 150 klinische studies, waaraan zo’n 5.000 MCL-patiënten deelnemen. Het MCL behoort daarmee tot de snelste stijgers van de Stichting Topklinische opleidingsziekenhuizen qua impact van de wetenschappelijke output op de gezondheidszorg.

Innovatiefonds

De MORE-studie is mede geïnitieerd door Zorgbelang Fryslân, het Erasmus Institute of Medical Technology Assesment, Vitromics, Pamgene, het laboratorium Tumorgenetica in het Radboud Universitair Medisch Centrum en Stichting De Friesland. Bij succesvolle afsluiting van de studie, in twee à drie jaar, wordt de studie uitgebreid met patiënten van het UMC Groningen.

Geef een reactie