Te zuinig zijn met Wmo-budget is ‘nooit goed’

(Tekst: Binnenlands Bestuur)

Van Rijn: te zuinig zijn met Wmo-budget is ‘nooit goed’

Het rijk heeft voldoende budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de Wmo en Jeugdzorg. Gemeenten die veel overhouden op hun Wmo-budget, moeten goed bij zichzelf te rade gaan. Wethouder en raad moeten zich de vraag stellen of zij niet te zuinig zijn bij de toewijzing van zorg en ondersteuning.

Overschot

Dat stelt staatssecretaris Martin van Rijn (VWS, PvdA) in reactie op het onderzoek van Binnenlands Bestuur naar overschotten en tekorten op de budgetten voor de Wmo en de Jeugdzorg. Daaruit blijkt dat gemeenten – conservatief geschat – minimaal 310 miljoen euro op de Wmo overhouden. De jeugdzorg laat een gevarieerder beeld zien; met gemeenten die precies uitkomen (25 procent), overhouden (44 procent) en tekort komen (33 procent). ‘In de aanloop naar het nieuwe zorgstelsel was er vrees dat er te weinig geld naar gemeenten zou gaan. Kennelijk is dat dus niet het geval’, aldus Van Rijn. De decentralisaties Wmo en Jeugdzorg werden vergezeld met rijkskortingen op het macrobudget. Gemeentekoepel VNG en een deel van de Kamer stelden zowel voor de invoering van de nieuwe wetten (per 2015) als na de invoering dat de kortingen te rigoureus waren en de budgetten te laag. Ook wethouders trokken regelmatig aan de bel.

Lees hier verder

Geef een reactie